STIWOT Reizen

Oranje bitter, Nederland bevrijd!

Tentoonstelling over vreugde, verdriet en verwarring na de bevrijding.
Van 28 april t/m 4 juli 2010, De Verdieping van Nederland, Nationaal Archief en Koninklijke Bibliotheek, Den Haag.

“Ik vraag me wel eens af of het echt zo erg was geweest. Want als er vroeger thuis verhalen over de oorlog werden verteld, werd er enorm veel gelachen. (…) Waarschijnlijk was dat ook een nerveuze reactie.” Deze uitspraak deed mijn alleraardigste buurman toen wij zaten de wachten op de start van een symposium voorafgaand aan de opening van de tentoonstelling “Oranje Bitter, Nederland Bevrijd!”. Dit symposium werd dinsdag 28 april jl. door het Nationaal Archief georganiseerd en bracht onder aanvoering van Ad van Liempt (maker van “Andere Tijden” en “De Oorlog”) enkele schaduwzijden van bevrijding in beeld. 65 jaar geleden kende de periode van rond mei 1945 niet alleen vreugde en geluk. Wat veel mensen niet weten is dat tijdens die periode plunderingen plaatsvonden door geallieerden, krijgsgevangenen mijnen moesten opruimen en NSB'ers hardhandig werden geïnterneerd. Daarnaast moesten vele gezinnen nog lang wachten op de repatriëring van familieleden die in Duitsland hadden gewerkt en maakten teruggekeerde Joden niet altijd een warm onthaal mee. Het symposium vulde een middag waarbij verschillende trends naar voren kwamen: visualisering in de representatie van de geschiedenis, aandacht voor taboes en het persoonlijke verhaal van de gewone burger op de voorgrond.

Militair historicus dr. Christ Klep (Universiteit Utrecht) toonde een aantal militaire strategieën en de machtsverhoudingen tussen de Geallieerden en de Wehrmacht. Hij maakte daarbij duidelijk dat de Geallieerden niet zozeer vanwege een betere kwaliteit van hun legermacht hadden kunnen winnen, maar vanwege hun enorme aantallen. Een Duitse militair was over het algemeen veel betere getraind en het materieel was moderner. Economisch historicus prof.dr. Hein Klemann (Erasmus Universiteit) legde uit wat de Duitse economische doelstellingen waren tijdens de bezetting en hoe verschillende Europese landen hierdoor een aardige groei meemaakten. Dr. Martin Bossenbroek hield een beeldende presentatie over de manier waarop teruggekeerde dwangarbeiders en gedeporteerden ontvangen werden door de Nederlandse bevolking. Gerard Nijssen nam het publiek aan de hand van amateurfilmbeelden mee naar alledaagse taferelen rond de bevrijding. Zo bleken beelden van een klein jongetje in een fruitkistje door een bezoeker ter beschikking te zijn gesteld. Het kleine jongetje en de bezoeker waren beide de heer Van Driel, die zeer onder de indruk was van alle aandacht voor alledaagse oorlogsverhalen. Mevrouw Van Driel was vooral blij dat ze met de oude films een bijdrage konden leveren aan de ontmythologisering van allerlei romantische verhalen: “want filmbeelden kunnen immers een direct en onvervormd beeld weergeven”. Het echtpaar hechtte daarom groot belang aan de oproep van Gerard Nijssen aan het publiek om nog eens goed de zolder uit te pluizen en vooral geen filmblikken bij het grofvuil te zetten.

Bevrijdingsposter, 1945Hoe hardnekkig sommige geschiedbeelden echter nog altijd kunnen zijn, werd tijdens het symposium verwoord door een roep uit het publiek: “Hoezo schaduwzijden?!”. Een karakteristieke reactie, aangezien persoonlijke herinneringen van doorsnee personen bij deze tentoonstelling een grote rol hebben gespeeld. Deze kleuren ons geschiedbeeld, maar kunnen het ook vervagen. Een reactie van de eveneens aanwezige David Barnouw, als onderzoeker verbonden aan het NIOD, was dat hij nog op vrijwel iedere lezing die hij over de bevrijding geeft, moet melden dat in heel Nederland geen Zweeds witbrood te vinden was. Martin Bossenbroek benadrukte dat het verleden geen zwart-wit tegenstellingen kent, maar ook niet grijs is. Het is volgens hem een bonte verzameling van kleuren, van diep zwart tot parelwit. En juist door meer afstand te nemen van dat verleden, kunnen wij het beeld scherper stellen en tot meer inzichten komen.

Hoe belangrijk dat scherpere, visuele beeld was, werd duidelijker na de opening van de tentoonstelling. De vormgeving was die van een donkere zaal, waarvan een lange wand diende als projectiescherm van verschillende gebeurtenissen die tijdens de bevrijding hadden plaatsgevonden. Deze gebeurtenissen waren geordend aan de hand van de thema's Vrijheid, Foute keus (over hardnekkige thema's gesproken!), Verwoest land, Naar huis, Machtsstrijd en Soldatenvolk. Deze thema's kwamen terug bij de vele vitrines waarin officiële stukken, maar vooral ook persoonlijke voorwerpen en documenten te vinden waren. Ieder stuk werd vergezeld van een computerscherm met een korte uitleg. Ad van Liempt stelde na de opening tevreden dat zowel hier als bij zijn serie “De Oorlog” de makers zich hebben weerhouden van vooroordelen. Van Liempt ziet het als doel van een historische representatie dat zo veel mogelijk kanten van eenzelfde verhaal aan bod kunnen komen en het laatste oordeel aan de kijker of lezer wordt overgelaten.

Prof. dr. Hans Blom, oud-directeur van het NIOD, zag de vormgeving van deze tentoonstelling als “symptomatisch”. Om een steeds groter publiek te kunnen bereiken is het bewegend beeld dominerend geworden. Zo lang zo een weergave van het verleden gebaseerd is op goede research en de makers zoals bij “De Oorlog” de “authentieke behoefte hebben het [verleden] zo historisch mogelijk weer te geven” is dit volgens Blom echter geen probleem.

Het jongere bezoek (lees: 30 min) was helaas op een hand te tellen. Een jongeman vond dit wel erg jammer, omdat de tentoonstelling zelf “zo enorm goed gelukt was”. Hij was het eens met de opmerking van een andere jonge bezoeker, die stelde dat “de uitdrukking driedelig grijs hier toch wel opnieuw werd uitgevonden”. Het visuele zou het jonge publiek toch wel zeer moeten aanspreken en de hij hoopte dan ook dat in tegenstelling tot bij dit symposium de gemiddelde bezoekersleeftijd sterk zou dalen.

Zeer welkome voedseldroppings in Rotterdam, mei 1945

Aan de hand van verschillende voorwerpen uit de tentoonstelling is ook een publicatie samengesteld. Hierin doet Martin Bossenbroek in verschillende korte verhalen een persoonlijke visie uit de doeken, die ons meevoert naar de achtergronden van op het eerste oog zo onschuldig lijkende indrukken. Een bijgevoegde DVD, samengesteld door Gerard Nijssen en Erik Willems, geeft ons de verzameling van alle bijzondere films die door Bossenbroek zo persoonlijk zijn besproken. Voor velen zullen de beelden herkenbaar zijn. Zo is bijvoorbeeld het kaalknippen van een “moffenmeid” te zien, in Groningen aan de Wilhelminakade – voor mij tot het zien van de DVD niet meer dan de straat van de supermarkt om de hoek. Bij een volgende boodschap zal ik eens beter om me heen kijken.

De flyer belooft ons de ervaring van de historische sensatie. Voor mensen die deze tijd zelf hebben meegemaakt zal het een “feest” van herkenning zijn. Voor andere bezoekers is het een meer dan geslaagde tentoonstelling die ons inderdaad zeer dicht in de buurt brengt van de ervaringen van mensen zoals zijzelf.

De tentoonstelling is gratis toegankelijk. Er zijn nog verschillende andere activiteiten georganiseerd, die terug te vinden zijn op de website www.deverdiepingvannederland.nl.

Marene Elgershuizen
Alle foto's: © De Verdieping van Nederland