STIWOT Reizen

Het onbekende gezicht van Berlijn

Kaj Metz was voor STIWOT in Berlijn op zoek naar het donkere verleden van deze bloeiende culturele hoofdstad. Hij omzeilde de bekende bezienswaardigheden en nam net dat extra straatje of net een U-baanhalte verder om bij plekken te komen die door de tand des tijds een andere rol hebben gaan spelen in de hedendaagse maatschappij en hierdoor bijna onzichtbaar zijn geworden. Die tijd is voorbij.

We gaan terug in de tijd. Om wat preciezer te zijn, de jaren '30. Dit avontuur door de geschiedenis van Berlijn begint bij de Rosa-Luxemburg-Platz. Hier werden in 1931 de Duitse politieofficieren Paul Anlauf en Franz Lenck doodgeschoten door leden van de Kommunistische Partei Deutschlands. Eén van de daders was Erich Mielke, die jaren later, tussen 1957 en 1989, Minister van Staatsveiligheid in de DDR was. Aan deze straat was tevens sinds 1926 het hoofdkwartier van de Kommunistische Partei Deutschlands gevestigd.



De Rosa-Luxemburg-Platz wordt gedomineerd door de Volksbühne (Volkstheater), dat tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd raakte. Het theater werd tussen 1950 en 1954 gerestaureerd. De Volksbühne draagt tevens sporen van de strijd om Berlijn in 1945, zoals kogel- en granaatinslagen.



In het stadsdeel Prenzlauer Berg staat een groot voormalig industriecomplex dat tegenwoordig bekend staat als de Kulturbrauerei. Deze brouwerij werd in 1842 opgericht en is sindsdien uitgebreid. In 1937 werd het bedrijf door de nazi’s omgedoopt tot “Nationalsozialistischen Musterbetrieb” en een jaar later werd het complex geïntrigeerd in de Duitse militaire industrie. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden hier dwangarbeiders (voornamelijk uit de Sovjet-Unie) tewerkgesteld. Tijdens de slag om Berlijn in 1945, verschanste de staf van “Befehlsabschnitts H” (onderdeel van “ Festung Berlin”) in een diepe kelder op dit complex. De brouwerij was in deze laatste oorlogsdagen tevens de plek waar veel Duitse deserteurs en burgers zijn geëxecuteerd door de nazi’s. Het complex overleefde de oorlog relatief ongeschonden.



De synagoge aan de Lindenstraße is tijdens de Pogromnacht (9 op 10 november 1938) in brand gestoken en beschadigd geraakt. In 1939 werd het gebouw in gebruik genomen als graanschuur. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het gebouw verder beschadigd geraakt en in 1956 werd besloten om de ruïne af te breken. Tegenwoordig staat hier een monument, dat uit een aantal betonnen banken bestaat. Deze banken symboliseren de houten varianten die hier ooit in de synagoge gestaan hebben.





We laten de roerige jaren '30 nu definitief achter en begeven ons nu in het begin van de jaren '40. Dit monument herdenkt een groep van Duitse antifascisten die hier op 18 mei 1942 de propaganda tentoonstelling "Sovjet paradijs" probeerde af te branden. Meer dan 30 jonge mannen en vrouwen werden hiervoor tussen 1942 en 1943 in de Berlin-Plotzensee gevangenis geëxecuteerd.



We vervolgen onze weg naar de Volkspark Friedrichshain. In 1941 werden in dit park twee bunkers gebouwd, namelijk een commandobunker (Kleine Bunker Hillock) en een luchtafweerbunker (Grote Bunker Hillock, ook bekend als “Mont Klamott”). Deze twee bunkers zijn na de oorlog gedeeltelijk opgeblazen en vervolgens met grote hoeveelheden zand en puin bedekt, waardoor het park tegenwoordig gekenmerkt wordt door twee grote heuvels. In datzelfde park staat ook een monument.



Dit monument is oorspronkelijk opgericht ter nagedachtenis aan de soldaten van het Poolse Volksleger (Ludowe Wojsko Polskie) en Duitse verzetslieden die tegen het Nationaalsocialistische regime gestreden hebben. In 1995 zijn hier twee plaquettes aan toegevoegd, die alle tijdens de Tweede Wereldoorlog omgekomen geallieerde troepen, verzetslieden en krijgsgevangenen herdenken.





De omgeving van monument was in 1945 ingericht als tijdelijke oorlogsbegraafplaats voor de tijdens de slag om Berlijn gevallen Poolse soldaten van het 1e Poolse Leger.



In 1944 en 1945 werd Berlijn opgeschrikt door een serie grootschalige Anglo-Amerikaanse luchtbombardementen. Velen mensenlevens werden hierdoor uiteengescheurd en ook gebouwen moesten het ontgelden. Na de oorlog werden heel wat van deze gebouwen heropgebouwd of met de grond gelijk gemaakt. Een paar ruïnes werden echter in die staat gehouden. Misschien wel het beste voorbeeld is de Franziskaner-Klosterkirche.



Het is april 1945. Berlijn is het toneel van de laatste slag om het nationaalsocialistische bolwerk. Terwijl Hitler in zijn ondergrondse bunker verschanst zat, vochten zijn soldaten om hun eigen leven. Elk gebouw en elke straat werd bevochten. Zelfs begraafplaatsen werden niet ongeschonden gelaten. De sporen van deze strijd zitten als een web van hardnekkige littekens over de hele stad verspreid.





De gevallenen aan Duitse zijde kunnen niet meer spreken. Grafstenen en monumenten doen dit nu voor hun. Wanneer je Duitse erevelden in Berlijn bezoekt zal het je ongetwijfeld opvallen dat geen één bordje hier naartoe verwijst. Ook zijn veel van deze grafvelden vaak weggemoffeld. Tot op de dag van vandaag kampt Berlijn nog steeds met moeilijk erfgoed.







Berlijn, ooit het zenuwcentrum van het nationaalsocialisme, nu een stad waar op veel plekken de Holocaust wordt herdacht. Sommige monumenten zijn indrukwekend..



..en sommige zijn wat minder mooi voor het oog.



Maar allen dragen ze diezelfde emotionele boodschap:

Dit nooit meer...